OMGAAN MET VERSCHILLEN (1)

DE ANDER DE RUG TOEKEREN IS (SOMS) EEN VALABELE OPTIE.

De kersverse moeder snauwde me toe: “Als je rust wou, had je maar niet zo gierig moeten zijn. Dan had je maar moeten bijbetalen voor een kamer alleen! Racist!” … Ik koos om de strijd niet te voeren. “Haal me hier alsjeblieft zo snel mogelijk weg,” fluisterde ik mijn man in het oor. Een kwartier later lag ik met de baby in stilte op een kamer alleen. Pfjiew!

Diversiteit is niet altijd een feest … Vandaag vertel ik waarom en wanneer het oké is om de uitdaging van de diversiteit de rug toe te keren. We kunnen immers vrij kiezen, bij elke confrontatie met de Ander, om verbinding te creëren, onze macht in te zetten of afstand te nemen. Ik geef je een CHECK LIST MET 5 CRITERIA die je kunnen helpen weloverwogen te kiezen.

WAT ZIJN JE OPTIES ?

In elke interactie met iemand die de wereld anders ziet of de dingen anders wil aanpakken dan jij, kan je kiezen uit drie strategieën in het omgaan met dat verschil. De één is niet per definitie beter dan de andere. Welke je kiest, hangt af van de omstandigheden. Dit zijn je opties:

  • VERBINDING CREËREN – Je kan investeren in de relatie en een oplossing co-creëren voor je gedeelde uitdaging.  
  • MACHT INZETTEN – Je kan je macht in de situatie aanwenden om de ander te dwingen zich te schikken naar wat jij wil.
  • AFSTAND NEMEN – Je kan uit de situatie stappen, de ander lossen. Je beslist dan om je eigen weg te gaan en geen energie meer te investeren.

Wanneer je kiest om verbinding te maken of macht in te zetten, blijf je in interactie. Wanneer je afstand neemt, stopt de interactie. Er zijn 5 criteria waarop je deze keuze kan baseren. Voor ik ze met je deel, vertel ik eerst verder mijn verhaal.

HET VERHAAL

*Disclaimer: had jij ook een traumatiserende bevalling? Dan kan dit heftig zijn om te lezen.

Op 20 augustus 2001 bracht ik mijn eerstgeborene de wereld binnen. Dat was geen simpele opgave! De bevalling duurde lang en was bijzonder zwaar. Er waren complicaties en bij elke stap onderweg had ik driedubbele pech. Op een bepaald moment werd het zo heftig dat ik een dissociatie doormaakte (m.n. de ervaring uit mijn lichaam te treden). Mijn zoon stikte bijna en ik verloor veel bloed. De zoon kreeg zuurstof en kwam bij. Ik werd opgelapt. “Eind goed, al goed,” zou je denken, maar ik was een getraumatiseerd hoopje ellende … Het plan om poliklinisch te bevallen en asap naar huis te gaan, viel in duigen. Ik werd naar een kamer gebracht.

’s Ochtends lag er nog een mama bij me op de kamer. Ze was die nacht bevallen van een dochtertje, haar vierde kind, en ze zag er bijzonder fit uit. Stralend eigenlijk. Ik geef toe dat ik een beetje jaloers was … 😊 Een paar uur later kwam de familie op bezoek … Héél de familie ! De kamer vulde zich met vrolijke volwassenen en kirrende kindertjes. Het werd een groot feest om het nieuwe leven te vieren: vreugde, verhalen en lekkernijen.

Met véél meer lawaai dan mijn verzwakte lichaam op dat moment kon dragen. Ik voelde hoe de uitputting mij in het matras zoog en kon mijn tranen niet bedwingen …

Of het een beetje stiller kon, vroeg mijn man. Dat ik er erg aan toe was.

Scheldproza als antwoord: “Whoah, jullie zijn racisten! Wij zijn aan het vieren. Laat ons met rust!” En: dat we maar zo gierig niet hadden moeten zijn …

“SHOULD I STAY OR SHOULD I GO NOW?”*

Je kan natuurlijk argumenteren dat ik mij niet had mogen laten verjagen uit die kamer, dat ik begrip had mogen verwachten, dat ik die extra kost van een eenpersoonskamer niet had moeten dragen. Ik had het recht om daar te zijn en om gerespecteerd te worden … Maar ik dacht: “Choose your battles, Marijke.” En ik had de dag voordien de zwaarste strijd ooit geleverd. Ik gaf me over aan de situatie, gaf voorrang aan wat ik daar op dat moment het meest nodig had. Dat was: de aftocht blazen.

De ervaring veranderde me niet in een racist … Ik dacht niet: “Alle Marokkanen zus of zo. Zie je nu wel?” Ik dacht enkel: deze vrouw gaat mijn vriendin niet worden. En: amai, wat een agressie … Misschien ook: ik ben precies toch liever op de parking dan in ’t Stad … Maar vooral: ik wil ervan af zijn !! En ik liet het los. Daar op dat moment was dat een valabele oplossing.

Toch kan dat niet altijd.

VIJF CRITERIA

Hoe maak je de keuze tussen de interactie aangaan of de ander de rug toekeren? Wat weeg je tegen elkaar af? Ik geef je vijf criteria waarmee je weloverwogen kan kiezen. Laat me zeker weten of ze je helpen.

  1. DOEL – Deel ik met deze persoon een gezamenlijk doel of belang? Is er iets wat wij samen willen of moeten bereiken?
  2. RELATIE – Wil of moet ik met deze persoon een relatie opbouwen op lange termijn?
  3. OPENHEID – Staat de ander open voor het contact met mij? Zo niet, kan ik met een haalbare en redelijke inspanning openheid creëren?
  4. GRENS – Kan ik gehoor krijgen voor mijn grens, mijn wens, mijn verlangen? Kan ik mij met de ander verbinden zonder mezelf in de steek te laten?
  5. ENERGIE – Heb ik de energie, de kracht om het gesprek hier en nu aan te gaan? Of moet ik eerst investeren in zelfzorg, zodat ik sterker voor de dag kan komen?

DE INTERACTIE AANGAAN

Is je antwoord op 3 van de 5 vragen ‘ja’, dan kan je voor de interactie kiezen. Antwoord je vaker ‘neen’, dan kan je overwegen om eruit te stappen. Kies je voor de interactie, dan is je volgende vraag misschien: hoe pak ik dat best aan?

Er zijn nog twee opties open. Over 2 weken vertel ik wanneer je vanuit macht kan sturen, maar ook waarom autoritair leiderschap in een superdiverse context steeds lastiger wordt. Zoek je concrete handvaten om duurzame verbinding te creëren, dan verwijs ik je graag naar mijn nieuwe GRATIS eBoek ‘Als leidinggevende VERBINDEN ROND COVID en andere splijtzwammen in het team.’

Stay tuned.

*The Clash, Should I stay or should I go.

1 thought on “OMGAAN MET VERSCHILLEN (1)”

  1. Kris Telders

    Herkenbare en interessante aanvulling/nuance. Door me in verbindende communicatie te verdiepen begon ik bijna te denken dat ik het altijd en overal moet kunnen. Ik kan me voorstellen dat ik bij een volgende situatie waarin ik niet zou verbinden, daarna een slecht gevoel zou hebben. Iets van: ik had dit moeten kunnen. Dankzij jouw voorbeeld zie ik nu meer nuance en besef ik dat je niet altijd en overal moet verbinden. Met onbekenden waar je verder niets meer mee te maken hebt, lijkt het me logischer. Maar ik kan me voorstellen dat er soms ook andere situaties zijn waarbij je na wat overweging beslist om de interactie niet aan te gaan. Al is het maar omdat je er op dat ogenblik de energie niet voor hebt. Ik hoop wel dat ik altijd nog voldoende relativering zal hebben om op het moment zelf bewust te kunnen overwegen voor ik in een kramp schiet. Bedankt om je inzichten te delen, Marijke

Laat een reactie achter op Kris Telders Cancel Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.